Voorhouter Leo van den Ende schilderde twaalf jaar aan Panorama Tulipland

‘Ik wil de Bollenstreek behouden voor het nageslacht’

Een half miljoen bezoekers trok Panorama Tulipland, in de twaalf jaar dat Voorhouter Leo van den Ende aan zijn levenswerk schilderde. Het toont een pittoresk beeld van de Bollenstreek in de jaren vijftig. “Ik wil laten zien hoe mooi onze streek is geweest.” 

Een miljoen bloemen gaf schilder Leo van den Ende (76) een plek op zijn Panorama Tulipland. Elk bloemetje apart: met een hoofdkleur, een schaduwkleur en een lichtkantje. Tussen de bollenvelden situeerde hij gebouwen uit de streek. De Ruïne van Teylingen, met die lastig te schilderen ronding. De Theekoepel en de Oude Toren in Warmond. ’t Huys Dever en de Engelbewaarderskerk. De Agathakerk.

Ook wekte hij vertrouwde taferelen tot leven, zoals het ziekzoeken. “Daarbij gebruikten ze een paraplu, zodat ze het blad beter konden inspecteren. Ook heb ik een veiling te velde geschilderd, waarbij de kopers naast het bollenveld staan om te bieden”, vertelt Van den Ende.

Paplepel

Schilderen kreeg Van den Ende met de paplepel ingegoten. “Mijn vader was ook schilder, ik zat in de kinderstoel naast hem terwijl hij zat te werken. Ik wilde er mijn werk van maken, maar kreeg een baan bij een Arabische oliemaatschappij. Toen ik ontslagen werd, dacht ik: nu moet ik gaan schilderen, anders krijg ik spijt. Het eerste jaar heb ik niets verdiend, maar toch ben ik niet teruggegaan toen de firma weer belde.”

Inmiddels hangt zijn werk in negen musea. Het werd naar 19 landen verkocht en komt voor in tientallen publicaties. Het ontstaan van het Panorama komt zelfs voor in de roman ‘Ziekzoekers’ van Anne-Gine Goemans.

Oorspronkelijk komt de kunstenaar uit Den Haag, maar hij en zijn vrouw Marli wonen al sinds 1969 in Voorhout. Hij heeft de streek in zijn hart gesloten. Toen hij de vraag kreeg om het panorama te schilderen, aarzelde hij niet lang. Hij maakte zelf een ontwerp. “Dat was best ingewikkeld. Dit panorama is heel wat anders dan dat van Mesdag: hij stond op een duin, ik moest alle bij elkaar gezochte objecten uit de Bollenstreek zelf een logische plek geven, een infrastructuur bedenken.”

Van den Ende maakte kleine schilderijen, die hij op het doek projecteerde. “Toen ik de eerste dag kwam binnenwandelen en die grote witte wand zag, kreeg ik het benauwd. Het is 63 meter lang en vier meter hoog!”

Zestig kwasten

Vanaf 1997 werkte Van den Ende twaalf jaar lang aan Panorama Tulipland. Eerst alleen tijdens het bollenseizoen, de laatste anderhalf jaar doorlopend. Het kostte 280 tubes verf, zestig kwasten en een bovenmenselijke inspanning van de schilder. “Als ik denk aan de hoeveelheid werk die erin zit, krimpt mijn maag ineen.”

Bezoekers waren welkom om hem aan het werk te zien. “Heel bijzonder. Soms stonden mensen te huilen omdat ze het zo mooi vonden. Er was een mevrouw die vijf, zes keer per seizoen kwam kijken. Schilderen met publiek moet je wel kunnen hoor. Sta je net over een technisch probleem na te denken, komen ze iets vragen... Maar al die gesprekken waren heel waardevol. Ik heb in deze jaren meer over de mensheid geleerd dan in de tijd ervoor!”
Behalve vragen kreeg hij ook nuttige adviezen van bezoekers. “Een vrouw zei dat ze de Sint Bavokerk van Haarlem miste, die heb ik toen ook een plek gegeven. En een schoolklas viel het op dat er geen vogels op stonden. Daarop ben ik vogels en andere dieren gaan toevoegen.”

Cultuurbesef

Van emigranten kreeg hij enthousiaste reacties. “Dit is de Bollenstreek zoals zij die nog kennen. Meestal zijn ze zich doodgeschrokken bij terugkeer naar Nederland. Er is veel bollengrond verdwenen. Schuurtjes hebben plaatsgemaakt voor caravanstallingen. Het cultuurbesef in deze streek is gering.”

Dat was voor hem ook een belangrijke reden voor zijn levenswerk. “Ik wil laten zien hoe mooi onze streek is geweest, het behouden voor het nageslacht. Het panorama is een aanklacht tegen alles wat is verdwenen. Ik hoop dat ik heb bijgedragen aan de bewustwording.”

Op 22 mei 2008 completeerde Van den Ende het panorama door het zetten van zijn handtekening. Diezelfde dag werd hij tot Ridder in de Orde van Oranje Nassau benoemd. Het panorama trok een half miljoen mensen. “Uiteindelijk wel 80.000 bezoekers per jaar! Soms stond het helemaal vol met bussen. Er kwamen mensen van over de hele wereld. Na verloop van tijd werd ik ook herkend. Zei een buschauffeur in Utrecht: ‘U bent toch meneer van den Ende, van Panorama Tulipland?’”

Na een zakelijk conflict met de directie van het Panorama werd het doek opgeborgen. Van den Ende hoopt nog altijd op een oplossing. “Het is zonde als er niets mee gebeurt. Het kan een toeristische trekpleister worden.”

In het atelier in zijn huis in Voorhout wijdt hij zich nu aan kleinere werken. Nog steeds bollenvelden, maar ook stadsgezichten en portretten. “Net waar mijn hoofd naar staat. Ik trek me er niets van aan of het verkoopbaar is. Ik schilder waar ik zin in heb.”

  deel dit artikel!

 

Burgemeester Carla Breuer is onder de indruk van het werk en het verhaal van Leo van den Ende. “In zijn atelier heb ik prachtige schilderijen gezien. Wat een indrukwekkende prestatie heeft hij neergezet met Panorama Tulipland. We mogen trots zijn op zo’n kunstenaar in onze gemeente!”

Verhalenkaravaan Teylingen
Verhalenkaravaan Teylingen