De historische scheepswerf van Alexander de Vos

‘Het gebouw vertelt je een verhaal’

WARMOND – Op het randje van Teylingen, in de Klaas Hennepoelpolder, bouwde Alexander de Vos een historische scheepswerf. Aanvankelijk bedoeld als plek om zijn boten te restaureren, maar gaandeweg werd het doel groter: hij wil de historie levend houden.

De Klaas Hennewerf aan de Haarlemmertrekvaart is gloednieuw, maar ademt de sfeer van de negentiende eeuw. De wanden van de werfschuur zijn van hout, kleine ruitjes geven uitzicht op de polder, de vloer bestaat uit klinkertjes en robuuste balken dragen de zolder. “Soms zeggen mensen: ‘Het lijkt het Zuiderzeemuseum wel.’ Dat is het grootste compliment dat ik kan krijgen”, glimt Alexander de Vos. “Ik hou niet van plastic, maar van authenticiteit. Laat maar zien hoe het was, dan vertelt het gebouw je een verhaal.”

De houtloods, even verderop, herbergt een verzameling boomstammen en planken. “Ik heb destijds tien kuub eiken ingekocht. Daarvoor gebruik ik liefst bomen die een beetje krom zijn, zodat de vorm van het schip er al een beetje in zit. Dankzij de brede kieren in de wand van de loods heeft de wind er vrij spel. Hout moet je uit de zon, maar in de wind bewaren, zodat het goed droogt.”

Een deel van het hout is bestemd voor boeier Vivo, die hij in de loods restaureert. “Toen ik deze boot in 1996 kocht, was het een wrak. Ik kon terecht bij een werf, waar ik er ook aan mocht werken. Maar liever wilde ik een eigen schuur, zodat ik de boot in een passende omgeving kon opknappen. En waar ik mensen kan laten meegenieten van het werk.”

Oude technieken

Het plan voor een historische scheepswerf ontstond. Alexander de Vos vond een geschikte plek in de Klaas Hennepoelpolder en sloeg in 2010 de eerste paal. Bij de bouw maakte hij gebruik van oude technieken. “Ik heb werktuigbouwkunde gestudeerd, dus ik heb geleerd voor ijzeren constructies, maar mijn hart ligt bij hout.. Door uit te zoeken hoe men vroeger werkte en door heel bewust te kijken, heb ik dat geleerd. Eerst had ik geen idee hoe een pen-en-gat-verbinding in elkaar zat, maar uiteindelijk heb ik er honderden van gemaakt. Genieten is dat!”

Zijn intentie was om het project zelf te financieren, maar uiteindelijk kreeg hij ook subsidie van de gemeenten Teylingen en Oegstgeest, de provincie Zuid-Holland en de Europese Unie. “Daardoor heb ik compromisloos kunnen werken en authentieke materialen kunnen gebruiken. Op het dak liggen ouderwetse dakpannen in plaats van golfplaten. En op de vloer vind je geen beton, maar klinkers.”

Tjottertje

Zijn liefde voor oude boten begon in zijn jeugd. “Wanneer het in de vakantie regende, was ik blij: vaak gingen we dan naar het Zuiderzeemuseum. Ik kon uren in de schepenhal doorbrengen! Toen ik dertien was, kochten mijn ouders een tjottertje uit 1922. Daar heb ik mijn hele jeugd mee gezeild.”

In die tijd maakte hij ook een voorzichtig begin met restaureren. “Dat begon met kleine stukjes hout vervangen, maar gaandeweg heb ik mijn grenzen verlegd. De huid van de boeier, die bestaat uit drie centimeter dik eiken, heb ik met oude technieken gerestaureerd. Daarbij maak ik de huidgangen in vorm door het hout warm te stoken, zodat je het kunt buigen. De dikke spanten worden gemaakt uit kromgegroeide zware eikentakken.”

Natuurgebied

Alexander is blij met zijn stekje in de Klaas Hennepoelpolder. “Het klopt helemaal op deze plek. Van oudsher gaat alles in deze omgeving over water. En de polder is heerlijk geworden sinds het natuurgebied is. Er zijn zoveel bijzondere soorten vogels! Regelmatig zijn er hier excursies van het milieueducatiecentrum Oegstgeest, meestal komen ze na afloop hier even een kijkje nemen en koffie drinken.”

De Klaas Hennewerf trekt vaker bezoekers. De ene keer komen ze voor een informatief verhaal, de andere keer is de zolder het sfeervolle decor voor een vergadering, dan weer zijn er filmavonden. Alexander leidt belangstellenden rond, demonstreert de technieken die hij gebruikt en vertelt verhalen over boten en hun geschiedenis.

Ondertussen staat er alweer een nieuw project in de steigers: op de werf moet op termijn een overnaadse boeier worden gebouwd. “De stad Leiden heeft twee eeuwen lang zo’n schip als dienstvaartuig gehad. Deze werd gebruikt om bestuurders te vervoeren en het visserijrecht te inspecteren. Kortom: een beeldbepalend schip op de Trekvaart.”

Koning Willem I deed tweehonderd jaar geleden een dergelijke boeier cadeau aan de Russische tsaar. Naar dat geschenk verrichte Alexander uitgebreid onderzoek, waarvoor hij een studiebeurs ontving van Het Scheepvaartmuseum. “Historisch gezien is het een bijzonder verhaal, waar veel vragen omheen waren. Bijvoorbeeld: waarom kreeg hij een jacht dat destijds al vrij ouderwets was, en bovendien nogal klein? Waarschijnlijk is de reden dat een eerdere tsaar, Peter de Grote, tijdens een verblijf in de Zaanstreek in 1697 zo’n jacht tot zijn beschikking had. Je ziet: we bouwen niet alleen een schip, maar ook een verhaal!”

Er ligt voor jaren studiemateriaal. Alexander heeft van de provincie een subsidie gekregen om het project voor te bereiden. “Dat betekent: constructietekeningen, houtbestek en een begroting maken. Vervolgens moet het natuurlijk nog gebouwd worden, daarvoor moet ik fondsen gaan werven. Als het allemaal lukt, blijft het oude scheepsbouwambacht beleefbaar op de werf aan de Haarlemmertrekvaart.”

 

Soms zeggen mensen: het lijkt het Zuiderzeemuseum wel.

Verhalenkaravaan Teylingen
Verhalenkaravaan Teylingen